Hiken op de West Highland Way: de eerste dagen

Hiken op de West Highland Way: de eerste dagen

In 2018 liep ik, samen met vriendin Anouk, de West Highland Way: een 154 kilometer lange tocht door de meest prachtige, Schotse natuur. Dit is eerste deel van het dag-voor-dag beschreven verslag.

Deze post bevat affiliate linkjes: als je iets koopt via deze linkjes krijg ik daar een commissie op, zonder extra kosten voor jou. Zo kan ik mijn blogs gratis houden en een boterhammetje eten!

De eerste kilometers zijn altijd het zwaarst

Dag 1: Milngavie naar Drymen (18.5 km)

Daar gingen we dan! Met te weinig training en te veel op onze rug stapten we de West Highland Way op, een van Schotlands mooiste en zeker haar bekendste wandelroute. Mijn rugzak woog 15 kilogram, vol met veronderstelde benodigdheden, want we wisten nog weinig over het Schotse weer. En nu, met de reis achter ons, weten we nog steeds weinig. Het weer was zo onvoorspelbaar als het komen en gaan van de midges. De tas drukte op onze heupen en schouders, en liet pijnlijke plekken na. Maar het hinderde niet, we zaten vol energie. We zouden eindelijk beginnen aan onze reis!

Milngavie, waar de West Highland Way start, is een klein maar lief dorp en zo snel als je er in loopt, loop je er ook weer uit. Al vrij snel stonden we in de drassige bossen van het Mugdock park en kropen we stap voor stap de eerste heuvels in. Ook al waren we nog dicht bij de bewoonde wereld, sommige stukken voelden al als de verlaten Schotse Hooglanden. Vergezichten met geen huis te zien en met de rechte, bekiezelde legerwegen die de West Highland Way zo kenmerken.

Een klein uur voor onze eindstop maakten we voor het eerst kennis met de Schotse gastvriendelijkheid. Langs de West Highland Way vind je verscheidene ‘honesty boxes’: koelboxen, vriezers en dozen waar je een ijsje of een drankje uit mag pakken in ruil voor een klein bedrag. Op deze, voor Schotse begrippen, ongelofelijk warme dag konden we dat niet afslaan. Zittend op de stenen muur dronken we onze koude drankjes en kletsten we met de andere hikers. We waren blij. Heel even leek ook de pijn in onze voeten te vervagen.

Het laatste uur was het zwaarst, onze lichamen waren nog niet gewend aan het nieuw verkregen gewicht. Zelfs het idyllische landschap, met zijn heuvels en akkers, kon de pijn niet verzachten. Maar het bordje “Drymen campground” deed dat wel. We waren gearriveerd!

De Drymen campground is een kleine, onbemande camping waar hetzelfde principe geldt als met de honesty boxes: gewoon het geld achterlaten in een klein doosje. Er is een douche, toiletten, maar nog belangrijker: kippen! De kleine vriendjes scharrelden rond tussen de tenten, in de hoop dat iemand een stuk muesli reep liet vallen.

De eerste echte klim omhoog

Dag 2: Drymen naar Cashel (18 km)

Het was vroeg en ik liep vooruit op Anouk, die nog haar tas aan het inpakken was. Ik ben geen ochtendmens en bovendien een introvert, dus ik pakte met liefde dit momentje van alleen zijn en stilte. Ik wandel sowieso graag alleen (ahem, shehikesalone), zodat ik mijn gedachtes de vrije loop kan laten gaan. Ik vind het heerlijk. Zo ook toen, in de koude ochtend op de West Highland Way.

De route splitste al snel van de geasfalteerde weg af en begon omhoog te kruipen. Ik wachtte op een heuveltje op Nouk, die een kwartier later ook het zandpad op stapte. We aten een reep en genoten van het uitzicht, niet wetende dat ons en nog veel mooier vergezicht te wachten stond deze dag. Want we kropen steeds verder omhoog. Het was onze eerste echte klim op de West Highland Way: omhoog naar de top van Conic Hill op 361 meter hoogte.

De roze bloemetjes van de ontelbare wilgenroosje die langs het pad groeiden, groetten ons als een erehaag. Achter zich, verschool zich Loch Lomond. Het indrukwekkende meer waar we de komende dagen langs zouden gaan lopen. Op de top van Conic Hill zagen we haar nog beter, half verborgen in de mist, maar des te mysterieus. We lopen kletsend omhoog met een Nederlands stel, die ook West Highland Way loopt, maar dan van accommodatie naar accommodatie. Aanspraak maken op de trail is altijd zo makkelijk, en deze lieve mensen bewezen dat weer.

Samen klauteren we, ieder in zijn eigen tempo, omhoog. Ik voel me sterk, daar op de top van de heuvel. Mijn knieën doen het goed, al heb ik ze alsnog van te voren afgetaped, of misschien juist omdat ik ze van tevoren heb getaped. Het maakt niet uit, ik ben blij dat ik zonder pijn omhoog ben gekomen. We beginnen, na een welverdiende lunch van babybels en crackers, vol goede moed aan de afdaling naar Loch Lomond. Ik ren bijna naar beneden, met mijn handen rond de schouderbanden geklemd om de rugzak recht te houden. Voorbij alle dagjes-mensen, voorbij de andere lange afstand wandelaars. Mijn hart is vol en blij.

Onderaan de heuvel duiken we het terras op van de Oak Tree Inn, waar onze nieuwe vrienden zullen slapen. Ze trakteren ons op een koud drankje en taart, want het is mijn verjaardag. Anouk en ik waren het bijna vergeten, toen we ‘s ochtends opstonden. Alleen de datum op mijn telefoon verraadde de heugelijke dag. “Wow, ik ben jarig.” “Oh ja shit!” Maar het taartje maakte alles goed. En het feit dat wildvreemden het aanboden nog meer zo.

Helaas konden wij niet blijven hangen, want we hadden nog zo’n 5 kilometer te gaan langs het meer. De overvloed aan energie die ik had bij het afdalen, was verdwenen. Hoe mooi het Loch Lomond meer ook was, het pad erlangs was moeilijk en moeizaam. Door zand en strand en over boomwortels. Opgelucht maar ook een beetje verslagen arriveren we op Cashel Campground. De camping hostess maakte echter alles goed, wanneer ze ons een geheime fles wijn geeft om mijn verjaardag te vieren. De campingwinkel verkoopt geen drank, maar ze haalt er een uit haar auto. “It was supposed to be a gift for friends, but I think you guys need it more.” De Schotse gastvrijheid is echt ongekend. Daar proostten we op, met wijn in onze pannetjes, terwijl we over het meer uitkeken.

Zero day

Dag 3: (0 km)

We hadden het de avond van te voren eigenlijk al besloten, vandaag gingen we een Zero Day houden. Een rustdag. Mijn kreupele lichaam was blij om even niet te hoeven lopen. De twee dunne, schuimen matjes waar ik op sliep waren alles behalve comfortabel. Op de Pacific Crest Trail waren de matjes genoeg geweest, maar deze hike bleek anders. Misschien was het contrast tussen het dikke opblaasmatje van Anouk en de mijne, wat mijn lichaam liet protesteren. Niks meer aan te doen nu. Dit was nu eenmaal wat ik bij me had. Het hielp iets om een kuiltje in de aarde te graven voor mijn stuitje en heupen. Ook het afzien op de trail hoorde erbij, dat wist ik nu uiteindelijk wel.

Onze lichamen waren blij met de rustdag, de tas was zwaar geweest en de dagen lang. Het gewicht van de rugzak dreunde nog na op mijn knieën. Ongetraind 18 kilometer lopen met volle bepakking was misschien niet het beste idee geweest. Maar we hadden de tijd, geen haast om het eindpunt in Fort William te bereiken, en rustdagen nemen was onze manier om het vol te houden.

We plaatsten onszelf op het strand van Loch Lomond, want het was nog steeds verassend goed weer. We lagen op mijn schuimen slaapmatjes. Ik heb een haat liefde relatie met die matjes. Want hoe rot ze ook liggen, ze zijn onverwoestbaar en daardoor perfect om overdag buiten op te loungen. Als fervent middagdutter, is dat een ontzettend groot voordeel. Ik schreef en tekende in mijn dagboekje. Nouk las in haar kleine dwarsligger. Boeken zijn vaak zwaar, maar dwarsliggers en e-readers zijn perfect voor lange tochten. We kletsen wat met de Schotse campinggasten, die al snel bijna hun hele levensverhaal op tafel legden. Nouk en ik houden van diepe gesprekken, dus het klikte meteen.

Wanneer we ‘s avonds willen gaan koken, om en om want we hadden maar éen gasstel meegenomen, komen de Schotse buren naar ons toe met een bord vol barbecue goodness. “We had a bit too much so please help yourself!” We laten onze noodlesoep gretig links liggen. Vers eten op een lange afstand wandeling is altijd schaars en dit gaat er dan ook goed in. Het duurt niet lang voordat de buren terug zijn. “We also have dessert, do you want to join us maybe at the tents? Have some drinks as well?” We weten niet hoe snel we onze tent uit moeten komen. Daar zaten we dan, temidden van de grote Schotse familie, overal rende kinderen en honden. We lachten, aten en leerde Schotse whiskey drinken. Buiten zijn, in de outdoors, is me altijd magisch geweest om met mensen te verbinden. En zo deed ook de West Highland Way niet onder.

Geïnspireerd om de WHW te lopen?

Ik gebruikte dit boekje om mijn reis voor te bereiden. Cicerone is sowieso mijn go-to merk voor guidebooks.

Bij deze gids krijg je ook nog een extra mini kaarten boekje! Heel handig (en licht, niet onbelangrijk) om mee te nemen tijdens je hike.